MPhil, het onderzoeksvoorstel

In mijn vorige post beschreef ik dat ik in de eerste sessies van het traject van de Master of Philosophy (hierna noem ik ‘m MPhil) bezig ben geweest met mijn onderzoeksvoorstel op orde te krijgen. Dit door ondermeer antwoord te geven op vragen als: “wat ga ik onderzoeken?” en “waarom?”

Zoals jullie waarschijnlijk wel weten, ben ik het bedrijf Virtual Studio Network begonnen. Mijn voornaamste werk binnen de organisatie zal het ‘inrichten van het productieproces zijn’. Om dit toe te lichten heb ik een plaatje gemaakt waarin de stappen beschreven worden.


Zoals je ziet begint het linksboven met een gesprek tussen de Virtual Studio Counselor (hierna noem ik ‘m de VSC) en de band. Uit dat gesprek komt een idee voor een productie. Vervolgens wordt leidt dat idee tot een productieproces. Dat proces draag ik over aan een team van professionals, waarna we daadwerkelijk van start kunnen.

Nu dan de vragen:

Wat ga je onderzoeken?
1. Ik ga op zoek naar een methode waarmee ik effectief gebruik maak van het gesprek met de band om dat om te zetten in een concept voor het productieproces.
Dit kan een tool worden om er zeker van te zijn dat ik ‘niks vergeten ben’ of iets dergelijks.

2. Vervolgens ga ik mogelijke tools onderzoeken om dat concept om te zetten naar een concreet productieproces. Daarin zijn beslissingen genomen over klant, productietechniek, ruimten, apparatuur en tijdsplanning.

3. En dan als laatste wil ik onderzoek doen naar methoden om dat productieconcept en productieproces over te dragen aan het team dat het gaat uitvoeren. Dit wil ik op een manier doen dat er een balans is tussen duidelijkheid en creative vrijheid voor de muziektechnologen.

Waarom ga je dat onderzoeken?
Dit wil ik onderzoeken omdat het mij in mijn bedrijf Virtual Studio Network helpt met de communicatie tussen mijzelf, de klant en de muziektechnologen uit het netwerk. Op die manier kan ik effectiever mijn werk uitvoeren en bereik ik sterke concepten.

Voor wie is het bedoeld?
In de eerste instantie voor mijzelf, maar in feite ontwerp ik twee soorten gesprekken (één tussen mijzelf en de klant en één tussen mijzelf en de muziektechnologen); en een idee, concept, proces, workflow. Dit is uiteraard te transformeren naar andere situaties. Op die manier is het ontwerp toepasbaar voor klanten-gesprekken, projectplanning en ontwerp van creatieve processen.

Wat ga je maken/doen/uitvoeren/ontwerpen?
Ik ga twee soorten gesprekken ontwerpen, waarbij ik waarschijnlijk een tool ontwerp dat tijdens de gesprekken ingezet wordt om de overdracht van kennis en overbrugging van vakgebieden te versoepelen.
Daarbij ga ik een workflow ontwerpen om van idee naar concept, naar proces en planning te komen.
En uiteraard wordt dit alles bewezen door het uitvoeren van producties, waaruit opgenomen materiaal uit voortkomt.

Wat is je methode?
Deels onderzoek vóór ontwerp: ik ga nu op zoek naar literatuur en bronmateriaal.
Deels onderzoek door ontwerp: ik ga aan de slag, registreer hoe gesprekken met bands en artiesten gaan en trek daar een conclusie uit. (kwalitatief onderzoek) Ook ga ik tools voor de gesprekken ontwerpen en daarmee experimenteren.

Wat is er aan het eind van de rit?
Een tool voor het eerste gesprek (VSC en de klant)
Een workflow beschrijving om van idee naar concept naar proces naar projectplanning te gaan
Een tool voor het tweede gesprek (VSC en de muziekprofessionals)
Een aantal case-studies, voorbeelden van hoe het in de praktijk gaat, en een berg muziek.

Nu ik dit allemaal weet is het tijd om een mission statement van het onderzoek te formuleren. Beter bekend als hoofdvraag. Ik zit te denken aan iets als: “hoe kan ik een verbinding maken tussen de identiteit van de band of artiest en de inrichting van het productieproces van hun muziek, om een hoge kwaliteit door maatwerk af te kunnen leveren?”


MPhil, start van een nieuwe serie

Al eerder schreef ik over mijn toelating tot de MPhil, oftewel de Master of Philosophy. Deze opleiding wordt gegeven aan de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht, faculteit Kunst, Media en Technologie en geaccrediteerd door een Engelse Universiteit. Ik weet nog niet welke.

De bedoeling van deze opleiding is niet zozeer om alles over filosofie te weten te komen, maar juist om me te verdiepen in de eerder begaande wegen van de muziekwereld. Het gaat over het ontwerpen van creatieve processen. Creatief wil zeggen: eerst is er niets, daarna is er iets. Daar tussenin is iets gecreëerd. Hoe die creatie totstandgekomen is, dat is het creatieve proces. In komende blogs zal ik daar dieper op ingaan.

De komende tweeëneenhalf jaar zal deze opleiding een belangrijk onderdeel van mijn leven worden. Dat lijkt me daarom een legitieme reden om hierover te gaan bloggen!

Samen met collega en grote vriend Lammert Kraaijeveld heb ik nu een eerste fase doorlopen. In een werkgroep zijn we gaan we werken aan de vraag: wat ga ik nou eigenlijk onderzoeken? Daar zal ik het in een volgende post over hebben.

Master of Philosophy

Een week of twee geleden ben ik afgestudeerd aan de Hogeschool voor Kunsten Utrecht faculteit Kunst Media en Technologie met een European Media Master of Arts in Sound and Music Production. Ja ze weten creatief om te gaan met de titels daarzo bij de HKU en daar komt er over tweeëneenhalf jaar weer één bij: een Master of Philosophy.

Het is vandaag nog even wat geregel, maar ik heb zojuist via email bevestiging gekregen dat ik ben toegelaten voor het traject van de MPhil! De constructie is wat ingewikkeld, maar zit zo in elkaar: ik schrijf me in voor een onderzoeksversie van Master of Music, dit traject volg ik twee jaar. Daarna plakt de HKU in combinatie met een universiteit in Engeland daar een halfjaar aan vast onder de noemer Master of Philosophy.

Deze tijd wil ik gebruiken om verder te gaan waar ik ben gebleven met mijn thesis. Ik wil weten of het verdienmodel in open systemen werkt en of het daadwerkelijk ook toepasbaar is in andere sectoren dan de muziek. Daarnaast wil ik onderzoeken hoe de rol van de artiest- en repertoire-manager in een netwerkmaatschappij zich ontwikkelt waarbij de rollen van productieleider en band-coach met elkaar verbonden wordt, dat is wat de Virtual Studio Counselor moet gaan doen. Dus hoe vertaalt de Virtual Studio Counselor de interne identiteit van de artiest naar een muziekproductie proces en later in een marketing campagne? Genoeg te doen dus.

De opleiding vindt plaats naast de opstart van Virtual Studio. Op die manier heb ik de MPhil voor de theorie en Virtual Studio voor de praktijk. Lijkt mij een prima combinatie.

Thesis hoofdstuk 5: Implementatie op Virtual Studio

5 Implementatie op Virtual Studio
Het onderzoek heeft me een helder beeld gegeven over waar de kern van het probleem van de muziekindustrie zit: het totale verdienmodel van de muziekindustrie is gebaseerd op een gesloten systeem waarbij het draait om hit scoren door middel van broadcasting. Hoe meer ogen, of oren, op één plek te krijgen zijn, hoe meer omzet er gemaakt wordt.
Nu heeft het internet en de exponentiële groei in computerkracht ten opzichte van de kosten, ervoor gezorgd dat we niet meer in een gesloten systeem zitten, maar dat we evolueren naar een open systeem. Dat wil zeggen dat de consument te alle tijden zelf de beslissing nemen mag wat, waar en wanneer hij of zij wil consumeren én of die consument daar een vergoeding voor over heeft. De gratis versie, al dan niet illegaal, ligt altijd op de loer.

Er is altijd één hacker op de wereld slimmer dan het hele beveiligingsleger, je ertegen verzetten is geen duurzame oplossing. De vraag moet daarom niet zijn: “Hoe kunnen we dit open systeem weer afsluiten?” Het moet zijn: “Hoe kunnen we weer geld verdienen in een open systeem?” Wanneer dat lukt, heeft de hacker geen grip meer.

Als dit open systeem de oplossing is voor de muziekindustrie, wat is dan de oplossing voor Virtual Studio?

5.1 Persoonlijke probleemstelling
Mijn gewenste situatie is dat er op een manier in muziek geïnvesteerd wordt zodat ik mijn totaalproduct van muziek en media kan aanbieden in een vorm van hoge kwaliteit en met persoonlijke begeleiding. Dit met als uiteindelijk doel me te kunnen onderscheiden van de concurrent. Met andere woorden: Ik wil dat de klant naar mij gaat in plaats van naar de concurrent, omdat ik toegevoegde waarde lever en ze bij mij een product halen dat je nérgens anders krijgt.
De huidige situatie is dat ten eerste wél geïnvesteerd wordt in artiesten door de industrie, maar wordt alleen samengewerkt met artiesten uit het puntje van ‘Sector 1’ en met een groep professionals (eigenlijk ‘Sector 1’ van de long tail van muziektechnologen) waar ik niet tussenkom als starter. Ten tweede is er in de markt waar ik wél tussenkom juist veel minder geld aanwezig voor investeringen in muziek.

Mijn hoofdvraag was daarom: “Wat kan ik, als muziektechnoloog, doen met kwaliteit en persoonlijke begeleiding, om Virtual Studio een plek te geven in de veranderende muziekwereld?”

Als ik, door middel van de persoonlijke begeleiding en het koppelen van de juiste experts en bronnen van informatie, artiesten uit de onafhankelijke muziekwereld kan stimuleren om te investeren in muziek, dan heb ik een nieuwe markt geopend, en is mijn plan geslaagd. De vraag is: “Hoe?”

Mijn oplossing daarvoor is simpel: bied vertrouwen door middel van toegevoegde waarde en service. Hoe ik dat doe beschrijf ik in het volgende stuk.

5.2 Toegevoegde waarde in productie
Het plan bestaat uit drie onderdelen. Het ene onderdeel volgt het andere op en ze helpen elkaar. Allemaal volgens het Nine Inch Nails ‘Connect with Fans + Reasons to Buy = €€€’-model.

5.2.1 Virtual Studio Counselor als productieleider
Virtual Studio is begonnen als ‘een studio die alles uitbesteedt’. Oftewel, het is een virtuele studio met een netwerk van mensen en een lijst van plekken waar we terecht kunnen. We maken gebruik van de overcapaciteit van de studio’s in Nederland en door met een netwerk van professionals te werken is het een stuk flexibeler dan met een kleine groep in vaste dienst. Om zo’n productie te organiseren is de Virtual Studio Counselor in leven geroepen.

5.2.1.1 De Virtual Studio Counselor uitgelegd
De Virtual Studio Counselor (VSC) is een soort meta-producer/executive-producer die verantwoordelijk is voor het eindproduct. De VSC houdt zich minder inhoudelijk met de productie bezig en meer met de organisatie, planning, budget en communicatie tussen de onderdelen van het productieproces. Als Virtual Studio Counselor ben ik, zoals beschreven in hoofdstuk 3, verantwoordelijk voor het samenstellen van een kloppend team en werkwijze en overzie ik het hele productieproces.

5.2.1.2 Samenstelling van een productieteam
Het team is een essentieel gedeelte voor de productie, net als de werkwijze. Professionals en werkwijze gaan hand in hand: elke muziektechnoloog heeft zijn eigen specifieke sterke kanten. Van die sterke kanten moet op de juiste manier gebruik gemaakt worden.

De klant waar ik me met Virtual Studio op richt, in de meeste gevallen een artiest of een band, heeft als doel ‘verder komen in de muziekwereld’, dus eigenlijk ‘een sector stijgen’ en het liefst twee. ‘Create Awareness (CA) + Connect with Fans (CwF)+ Reasons to Buy (RtB) = Art & €€€’ is de formule waarmee ik de klant wil helpen om dat doel te bereiken. Dat begint bij de muziek.

CA kan maar op één manier: Opvallen. Precies waar Seth Godin over schrijft in Purple Cow. Het hele productieproces, van de eerste pre-productie sessie in de oefenruimte tot aan de mastering van de laatste track, moet ten dienste staan om het unieke van de desbetreffende artiest naar voren te laten komen in de muziek.

Daarom is het essentieel dat bij de samenstelling van het productieteam rekening gehouden wordt met het totaalplaatje van wat de band wil uitstralen. Dat doe ik door met de band in gesprek te gaan en zo in de eerste plaats erachter te komen wie ze zijn en wat hun visie is op muziek. Dat gesprek is weergegeven bij appendix D ‘Virtual Studio Operatie’ bij ‘Fase 1: Assessment’.

Om een metalband te laten klinken zoals ze willen klinken, moet een expert ingehuurd worden met de nodige kennis daarover, en niet een klassiek expert. Omgekeerd geldt dat ook zo. Natuurlijk is dat een nogal voor de hand liggend voorbeeld, maar zo werkt het wel. Creatieve beslissingen zoals de keuze in productieproces en werken in een studio of een non-studio omgeving moeten gemaakt worden op basis van de ondersteuning van de visie van de artiest.

5.2.1.3 Planning en organisatie
Planning en organisatie gaan over, onder meer, de keuze in het productieproces. Het geeft antwoord op de vraag: “Hoe gaan we straks te werk?” Zoals in de vorige paragraaf is vastgesteld is de keuze van productieproces gebaseerd op het imago en de visie van de artiest.

Samen met een geselecteerde producer ga ik aan het werk om het productieproces in elkaar te zetten. We geven antwoord op vragen als: “Gaan we lineair of recursief werken?” Lineair houdt in dat het proces van voor tot achter direct doorlopen wordt van pre-productie, naar opname, naar post-productie. Meestal wordt er lineair gewerkt wanneer er sprake is van liedjes die tot in de puntjes zijn uitgewerkt en eigenlijk ‘alleen nog maar geregistreerd hoeven te worden’. Met ‘recursief’ wordt een proces met terugkerende onderdelen bedoeld. Het kan bijvoorbeeld voorkomen dat verschillende fasen van het productieproces door elkaar heen lopen om creativiteit te stimuleren. Een voorbeeld is wanneer compositie, welke noten gaan we spelen, en productie, hoe gaan die noten klinken, door elkaar heenlopen en wanneer heen en weer gewisseld wordt tussen iets verzinnen, opnemen, met elektronica bewerken, je laten inspireren en weer wat nieuws verzinnen.
In appendix D staat bij ‘Fase 2: Planning en Organisatie’ dit proces weergegeven.

Na deze stappen is het team en de werkwijze samengesteld, de planning gemaakt en zijn de studio’s gehuurd. We kunnen beginnen met de productie. Allemaal gebaseerd op de kern van waar de band of artiest voor staat.

5.2.1.4 Begeleiding
Tijdens het proces houd ik als VSC overzicht. Na de eerste dag van opname overleg ik met de producer hoe het gegaan is en reflecteren we op de resultaten van de dag. Aan de hand daarvan bepalen we of we een juiste planning hebben gemaakt of niet. En of wat daar eventueel aan veranderen moet. Op die manier kunnen we de garantie bieden van een optimale werkomgeving.

Een succesvolle productie, dat wil zeggen, een productie die opvalt en uniek is en daardoor mensen raakt, kan alleen bestaan wanneer er een duidelijke link te vinden is tussen het imago van de artiest en de marketing en communicatiemiddelen, zijnde onder meer de muziek, waarmee de artiest dat imago uitstraalt. De productie van die middelen vormt de basis van de uitstraling. De VSC slaat een brug tussen marketing en muziekproductie, door imago te koppelen aan muziek om zo de marketing van de band te versterken. En dat brengt ons op het volgende onderdeel van dit hoofdstuk.

5.2.2 Muziektechnoloog als Artist & Repertoire manager
Als VSC functioneer ik ten eerste als een productieleider/manager. Met de link tussen imago, marketing en productie word ik in feite een Artist & Repertoire (A&R) manager. De verantwoordelijkheden van een A&R manager zijn: het vinden, ‘scouten’, van talent; het opnameproces, waar ik naar refereer als zijnde het productieproces, overzien door bijvoorbeeld de juiste muziektechnologen voor de productie te vinden; en assisteren bij de marketing en promotie van de opnamen door onder meer de single van het album uit te zoeken. Dat lijkt verdacht veel op de VSC.

Met de link tussen muziek en imago is het mogelijk om meer uit de marketing van de artiest te halen. Ik hecht heel veel waarde aan het ‘impliciete’ imago. Wat er écht in zit. Zoals Simon Sinek het prachtig verwoordt in deze TED Talk wanneer hij zegt: “People don’t buy what you do, they buy why you do it.”
Waarom je iets doet is veel belangrijker dan wat je doet en hoe je het doet. Waarom biedt ruimte voor connectie (CwF).

Nu heb ik een productieteam en werkwijze. De planning is gemaakt. We kunnen beginnen. Tijdens de productie houd ik nauw contact met de artiest en de producer voor een optimale werkomgeving. Alles is ingericht op een manier om het impliciete imago van de artiest, het antwoord op de vraag “Waarom maak ik muziek?”, naar voren te halen. In principe zijn dit de ingrediënten voor een succesvolle productie, maar toch ben ik er nog niet. Het is namelijk nog niet gezegd of die opname zonder compromis ook daadwerkelijk leidt tot een succesvol bestaan als muzikant en daarom is de vraag alsnog “Is de investering het waard?”

Dankzij de zoektocht naar de nieuwe muziekwereld heb ik kennis opgedaan die zeer praktisch is voor mensen die voor een productie bij Virtual Studio komen. Zodoende ben ik gestart met het adviestraject.

5.3 Toegevoegde waarde in advies
5.3.1 Ontwikkeling adviestraject
Bij de het bedenken van Virtual Studio heb ik één beslissing gemaakt: ik word niet de nieuwe muziekmaatschappij. Daar bedoel ik mee: ik ga niet investeren in artiesten, noch word ik (deel)eigenaar van de muziek die geproduceerd wordt. Alles blijft hoe dan ook in de handen van de artiest. Toch wil ik op de één of andere manier artiesten en muzikanten helpen met het terugverdienen van hun investering, zonder té veel risico te lopen in de startperiode van VS.

Om die redenen heb ik het adviestraject voor artiesten in elkaar gezet. Ik wil zien dat artiesten op zichzelf succesvol kunnen zijn in deze nieuwe muziekwereld. Daar wil ik ze bij assisteren. Niet in de eerste plaats voor meer winst. Wel voor een langdurige klant-relatie. Ik wil dat ze terugkomen.

Het adviestraject is erg simpel. Alles draait om de formule: ‘Create Awareness + Connect with Fans + Reasons to Buy = Art & €€€’. Deze formule wordt vervolgens op vier marketing gebieden toegepast: Muziek, imago en live productie.

5.3.2 Doelstelling
Zoals in de afbeelding hiernaast te zien is, en uit de case-study van Trent Reznor en Nine Inch Nails te zien is, bestaat het ‘nieuwe’ verdienmodel van de muziekwereld uit drie onderdelen: Create Awareness (CA), Connect with Fans(CwF), en Reasons to Buy (RtB).

Het algemene doel van een artiest moet zijn “een waardevolle relatie opbouwen met zijn of haar fans”. Hoe sterker de relatie met de fans is, hoe succesvoller de artiest. CA, CwF en RtB zijn weer subdoelen binnen dit grote doel.

Deze doelen zijn te bereiken middels drie gebieden: muziek, imago en live productie. Samen vormt dit ‘gereedschap’ de totale marketing van de artiest. Zoals in de afbeelding links te zien is.

Muziek vormt voor de artiesten de kern van hun bestaan. Hier gaat het uiteindelijk om. Met muziek als fundament kan het imago opgebouwd worden. Imago is impliciet aanwezig. We werken daarmee van binnen naar buiten. Niet “…jouw doelgroep zijn 13 jarige meisjes en die willen graag dat je een leren jack aantrekt en kauwgom kauwt…”, maar éérst kijken naar wie de artiest daadwerkelijk is, om daarná pas te kijken wat voor publiek hij of zij aanspreken kan. Hoe dat te doen is door te kijken naar de individu, of individuen in het geval van een band, en dat te koppelen aan de muziek die ze gezamenlijk maken. Zoals marketing consultant Simon Sinek stelt in zijn theorie over leiderschap: “people don’t buy what you do, they buy why you do it”. Dat werkt voor bedrijven zo, maar net zo goed voor artiesten. Middels die ‘why’, het waarom, ontstaat er een verbinding tussen de aanbieder van het product en de afnemer. Het imago vormt de rode draad in alles wat de artiest aanbiedt aan de fans. Elke boodschap, elke communicatie naar de buitenwereld, moet voldoen aan de eisen die vooraf bepaald zijn bij het samenstellen van het imago. Op deze manier wordt het een samenhangend geheel.

De live productie is een combinatie van de muziek en het imago. De show is opgebouwd uit de vooraf opgestelde eisen en rode draad van het imago.

5.3.3 Create awareness, connect with fans, reasons to buy
Het imago is samengesteld als zijnde de combinatie van de gezamenlijk gemaakte muziek en de individuen van de band. Uit dit imago is de rode draad en daarmee de visie van de band samengesteld, waarmee de live show ingericht kan worden. Deze drie onderdelen vormen het fundament van de marketing van de band. Het doel van die marketing is CA, CwF en RtB.

5.3.3.1 Create awareness
De kern van het creëren van ‘awareness’, oftewel dat mensen weten dat je bestaat, zit hem in het feit dat je opvalt. Hierbij is de theorie van de ‘Purple Cow’ uitermate toepasselijk: in ‘Purple Cow’ schrijft Seth Godin over de term ‘remarkable’. In het Nederlands vertalen wij dat als ‘opmerkelijk’, ‘merkwaardig’ en ‘opmerkenswaardig’. In feite betekent het dat iets dat ‘opmerkenswaardig’ is waardevol genoeg is om er een opmerking over te maken. Die opmerking houd je niet voor jezelf, die maak je zodat een ander dat kan horen: je vertelt het door.

Seth Godin beschrijft een aantal methoden om op een ‘opmerkenswaardig’ product te komen: maak een product dat zich richt op een extreme niche. Op die manier hoef je niet iedereen te vriend te houden. Wees daarin niet bang om heel veel klanten ‘buiten te sluiten’. Denk aan de innovatie diffusie curve: ga écht voor de innovators en misschien de early adopters. Veel bedrijven gaan met een massale marketingcampagne voor de grote massa en moeten daardoor zoveel compromissen doen op hun product dat het een ‘one-size-fits-all’ product wordt dat ontzettend saai is. De sleutel zit in het ‘spannend zijn’.

Voormalig creative director en schrijver Paul Arden zegt het mooi in zijn boek “Whatever you think, think the opposite”. De kern van opvallen zit in ‘iets doen wat niemand anders doet’.

Als laatste maakt Seth nog het punt dat ook service een prachtig voertuig kan zijn voor het overdragen van jouw unieke boodschap. Doe áller eraan om je klant gelukkig te maken en doe dat op zo’n unieke manier dat hij of zij dat gaat vertellen aan zijn of haar netwerk. “Ideas that spread, win.”

Samengevat: kleine niche, géén compromis, in alles anders zijn dan de rest, overselling door middel van unieke service.

5.3.3.2 Connect with fans
De boeken ‘Tribes’ en ‘Permission Marketing’ van Seth Godin vormen een sterke basis voor het kunnen maken van een verbinding met de fans. Deze verbinding is eigenlijk maar gebaseerd op één vraag: waarom? Ik heb het al eerder over hem gehad, Simon Sinek vertelt, onder andere op zijn website ‘startwithwhy.com’, over wat grote leiders nou juist zo groot maakt. Waarom wij ze volgen. In zijn theorie gaat het om de vraag ‘waarom’ te kunnen beantwoorden. Als je snapt waarom iemand iets doet op een bepaalde manier, begrijp je meer van die persoon en ontstaat daar automatisch een soort verbinding met die persoon.

Daarom is het imago zo ontzettend belangrijk van een artiest of een band. En daarom is het absoluut onmogelijk om een ‘leuk bedacht’ imago op de band te plakken, als dat niet klopt.

Pas wanneer die lijn is uitgezet, de visie is geformuleerd, kan de artiest de buitenwereld gaan opzoeken. In ‘Tribes’ schrijft Seth dat er drie zaken nodig zijn voor een succesvolle tribe (stam): Een algemeen doel, dat is dus die rode draad; een leider, dat is band of de artiest; en heel belangrijk, een platform waarop de tribe met de artiest én met elkaar kan communiceren over het desbetreffende grote algemene doel.

In ‘Permission Marketing’ schrijft Seth over het belang van relevante en persoonlijke boodschappen die iets toevoegen, in plaats van irritante en irrelevante reclameboodschappen die je alleen maar storen op momenten dat je er niet om gevraagd hebt. Met ‘Permission Marketing’ bouwt de verkoper langzaam maar zeker aan een duurzame relatie met de klant, waardoor het aanbevelen en verkopen van nieuwe producten soepeler gaat. ‘Permission Marketing’ is daarmee ook een perfecte brug naar de volgende stap.

Samengevat: begin met waarom je het doet, dat is je visie en daarmee de rode draad voor álle communicatie-uitingen richting fans, maak een tribe door een platform te creëren waar vrije communicatie tussen jou, je fans en je fans onderling kan ontstaan.

5.3.3.3 Reasons to buy
Mensen kennen de artiest. Ze voelen zich, door middel van de visie en het algemene doel, verbonden met de artiest. Deze relatie wordt door communicatie via het daarvoor bestemde platform met de dag sterker. Nu is het de taak om deze relatie om te zetten in een transactie.

Het boek ‘Permission Marketing’ van Seth Godin en het blog ‘Better than Free’ van Kevin Kelly geven beiden voorbeelden van hoe een relatie om te zetten in een transactie. Het gaat allemaal om toegevoegde waarde: verkoop iets dat niet te kopiëren is en mensen waarmee je een band hebt willen het hebben. Als de relatie goed is, volgt de transactie vanzelf. Essentieel is dat er geluisterd wordt naar wat de fans willen. En daar is dat platform van de tribe voor.

Samengevat: de relatie omzetten in een transactie kan door producten en diensten aan te bieden waar jouw fans op zitten te wachten, je weet welke dat zijn omdat je luistert naar je fans.

5.3.4 CA, CwF, RtB toegepast binnen de marketing
In de onderstaande tabel worden de doelen Create Awareness, Connect with Fans en Reasons to Buy, gecombineerd met de middelen muziek, imago en live show.

5.3.5 Meten is weten – de cirkels van fans
Middels muziek, imago en live productie kan een artiest ervoor zorgen dat mensen van ze afweten, CA, met de mensen die blijven plakken een waardevolle relatie opbouwen, CwF, om uiteindelijk die relatie om te zetten in een transactie, RtB.

Deze drie fasen volgen elkaar elke keer weer op en zo groeit een artiest. Elke keer dat een nieuwe groep, of doelgroep, bekend raakt met de artiest, kan de artiest een sector stijgen.

Hoe dat stijgen er uitziet is het beste uit te leggen door de twee onderstaande afbeeldingen met elkaar te combineren. Links staat de ‘innovatie-diffusie-curve’ en rechts de long tail. Zoals eerder beschreven in deze thesis bevat de long tail van muziek in mijn optiek zes sectoren. Zes fasen waarin een artiest tijdens de carrière zich in kan bevinden. Het ‘innovatie-diffusie-model’ laat zien dat er vijf ‘soorten’ consumenten zijn: innovators, early adopters, early en late majority en laggards. Mijn stelling hier is dat deze twee modellen te combineren zijn om tot een soort meting te kunnen komen van de positie van een artiest en cirkel van fans welke deze artiest aanspreekt.

Wanneer de long tail met het innovatie-diffusie-model wordt gecombineerd krijg je een long tail die er zo uit komt te zien als de afbeelding hieronder. Naast de long tail zijn vijf cirkels getekend, die verloopt van A tot en met E. Elke letter staat voor een consumenten-categorie.

Cirkel A, naast de innovatieve consument teven de eerste cirkel van bekenden die de artiest om zich heen heeft. Het is de familie en het zijn de vrienden. Dit zijn de eerste mensen die met de muziek te maken krijgen en daarom is dit het fundament voor het komende publiek.
Cirkel B, de early adopters, maar ook de vrienden van de vrienden. Voor de artiest goed en wel met deze groep te maken hebt zit deze al in sector 5. Dit is ook de plek dat de artiest fans begint aan te spreken die niet in het directe netwerk liggen.
Cirkel C, de early majority. Hier is ook het ‘magische tipping point’ te vinden: het omslagpunt waarop een artiest ineens genoeg kritieke massa verzameld heeft om een soort lancering in een carrière te veroorzaken.
Cirkel D, de late majority. Wanneer deze groep aangesproken wordt mogen we wel spreken van een hit.
Cirkel E, de laggards en daarmee ook de laatste groep luisteraars. Dit zijn mensen die toevallig luisteren omdat de artiest op de radio voorbij komt.

5.3.6 Groei
Elke band en elke artiest start in de eerste cirkel, met vrienden en familie. Dit is je fundament waarop je kunt bouwen. Middels CA, CwF en RtB is het mogelijk om te groeien en dus te stijgen in sector en een volgende cirkel van publiek aaspreken. Sector 1, waarbij alle cirkels aangesproken worden is voor lang niet iedereen weggelegd. Die sector bereiken is prachtig, maar hoeft niet per se het doel te zijn. Dat is het mooie aan dit verdienmodel van CA + CwF + RtB = Art & €€€: de artiest is zelf in bezit van de muziek en gaat op zoek naar professionals die hem of haar kunnen helpen. Het team dat ze om zich heen verzamelen is afhankelijk van de positie in de long tail van muziek. Het ‘oude’ model van de muziekmaatschappij (Appendix F – Record Deals) werkt alleen in de eerste sector, dit nieuwe model is vloeibaar en daardoor aan te passen aan elke sector.

5.4 Conclusie implementatie Virtual Studio
Dankzij het onderzoek voor deze thesis heb ik veel geleerd over de huidige muziekwereld. Ik heb gezien waar er kansen zijn door te kijken naar wat er wel gebeurt binnen muziek: er wordt ontzettend veel gemaakt en bedacht. Het nadeel aan deze ‘onafhankelijke’ wereld is dat het voor artiesten vechten is om er een goede inkomstenbron van te maken.

In het hoofdstuk ‘implementatie op Virtual Studio’ schreef ik over de toegevoegde waarde die lever op gebied van muziekproductie en advies. Uiteindelijk gaan deze twee hand in hand. Door tijd te steken in een ‘inside-out’-aanpak kan er uiteindelijk effectiever muziek geproduceerd worden.

In het volgende hoofdstuk bespreek ik een aantal resultaten van deze aanpak.

Breken met de regels? Een gouden idee!

Vorige week donderdag was ik bij de opening van de eindexamenexpositie van de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht, faculteit Beeldende Kunst en Vormgeving. Vol verwondering liep ik van het ene bizarre idee naar het andere. Ik heb een paar persoonlijke hoogtepunten uitgezocht die ik graag met jullie deel.

Ziehier een ‘vergadertafel’ met stoelen als schommels (gemaakt door Sanne de Graaf):
Posted using Mobypicture.com

Of deze: een zitzak-landschap van schuursponsen, geïnspireerd op koraal (gemaakt door Charlotte van der Horst):
Posted using Mobypicture.com

Check ook even het project van Sofie Groot Dengerink, een heel boeiend project waarbij ze laat zien hoe ver ons copyright systeem gaat. En dat we moeten opletten dat we niet een slaaf gaan worden van ons eigen systeem. Ze legt het zelf veel beter uit op haar site.

Een oprolbare stoel die uit een doek met houten latjes bestaat (gemaakt door Milou Parthesius):
Posted using Mobypicture.com

En deze vond ik ook te gek: plastic afval waar iedereen op straat zomaar aan voorbij loopt krijgt ineens een totaal andere betekenis. Even doorklikken naar de Mobypicture waar hij vandaan komt, kwartslag draaien.
Posted using Mobypicture.com
Linksonder: Slak; boven tweede van links: voetgangersstoplicht; de grote in het midden: vulkaan.

Alle projecten verschillen enorm. Zo was er nog een project van Raquel Ruiz-Clavijo waarin ze alle ‘afgekeurde’ kopjes van de HEMA verzamelde en categoriseerde op fout, en dus zo haar eigen collectie begon onder de naam ‘onverwachtte schoonheid’. Maar dan zie ik toch een sterke rode draad door alle projecten heen: breken met de regels. De regels die wij zomaar accepteren en zien als absolute waarheden. Een goed kopje is immers een die er uitziet als elk ander kopje. Een stoel is een stoel omdat hij vier poten heeft en aan een tafel geschoven kan worden. Rotzooi is en blijft rotzooi.

Wat deze mensen doen is verder kijken. Ze trekken die regels in twijfel en zeggen: Hoezo moet dat zo? Ik doe het lekker anders. Ziedaar innovatie en vooruitgang. Je niet aan de regels houden is zo gek nog niet. Ik kan me zo voorstellen wat de gebroeders Wright gedacht moeten hebben: “Wat nou zwaartekracht? Ik wil vliegen.” Deze creativiteit is een bron van inspiratie voor eenieder die zich op innovatie wil richten. Ik ga ze dan ook scherp in de gaten houden!

Thesis: Virtual Studio in de nieuwe muziekwereld, de inleiding

Om jullie een beeld te geven van hoe ik er nu voor sta post ik mijn inleiding van mijn scriptie. Het geeft weer hoe ik tegen de muziekwereld aankijk en wat mijn ideeën zijn. Ik hoor graag jullie mening in de comments!

Virtual Studio in de nieuwe muziekwereld

1 Inleiding

1.1 De bril
Deze thesis is bedoeld om mensen aan te moedigen om buiten hun normale en comfortabele wereld te stappen wanneer dat nodig blijkt te zijn. Ik deel mijn ervaring en laat het proces zien waarin ik heb een probleem heb geconstateerd en hoe ik daarmee ben omgegaan. Ik hoop dat een ander hetzelfde kan doen.

1.2 Achtergrond
Mijn naam is Alexander Mooij, ik ben een student aan de Hogeschool voor de Kunsten Utrecht (HKU), faculteit Kunst Media en Technologie (KMT). Deze thesis is bedoelt om mijn European Media Master of Arts mee te behalen.

Vier jaar geleden ben ik toegelaten tot de opleiding Music Production and Performance. Ik weet nog heel goed dat ik met een gitaar in mijn handen hier naar binnen ging. Gedurende die vier jaar heb ik mij, gelukkig, enorm ontwikkeld. Ik heb mezelf in allerlei nieuwe omgevingen moeten plaatsen, waardoor ik veel over mezelf te weten ben gekomen. Voor mijn thesis is het belangrijk om dit te vermelden, omdat het de basis vormt voor hetgeen ik na mijn opleiding van plan ben te doen.

Gedurende mijn aanwezigheid bij de HKU is mijn rol als muziektechnoloog vaak veranderd. Ik begon als muzikant, een gitarist die met behulp van technologie muziek componeerde en speelde. Tijdens het eerste jaar is die rol verschoven naar een communicatiemiddel in de studio. Mijn kennis op gebied van technologie, spel en compositie ben ik gaan inzetten om de vertaalslag te maken tussen muzikanten en technici in een opnamestudio. Mijn technische en creatieve vaardigheden heb ik aangescherpt tijdens het lange traject van veel producties zelf opnemen en zelf de mixage op me te nemen. In het derde jaar kreeg ik de kans om stage te lopen bij een mastering bedrijf, waarbij ik zowel over luisteren, mastering als het hebben en runnen van een bedrijf geleerd heb. Kort daarop heb ik les gegeven in Tanzania, waar mijn rol als muziektechnoloog bestond uit overdragen van kennis.

Het zijn al deze ervaringen die mij gevormd hebben tot wat ik nu ben: Niks. Ik ben geen instrumentalist, geen componist, geen producer, geen technicus, geen mixage engineer, geen mastering engineer. Wel muziektechnoloog. Maar wat betekent dat dan? Wat ben ik dan wel?

1.3 Virtual Studio
Ik ben bezig het bedrijf Virtual Studio op te starten. Virtual Studio is een muziekproductie bedrijf met een netwerk van muziektechnologen en media professionals. Mijn taak is het inrichten van een productieproces door te bepalen op welke manier we gaan werken, met welke mensen, welke planning en waar. Ik heb dus overzicht over het gehele productie proces, van compositie tot master CD. Voor mijn werk is het essentieel dat ik elk onderdeel van het proces ook daadwerkelijk ken, weet hoe het werkt en weet wat de verwachtingen zijn. Juist het feit dat ik geen specialist ben is hier mijn kracht. Ik heb overzicht.

1.4 De wereld om me heen
In mijn ervaringen met opdrachten buiten school, de aanloop naar een stage en wat ik op internet tegenkom heb ik veel negativiteit gezien. Bands hebben heel weinig budget voor opnamen, terwijl ze veel budget hebben voor instrumenten. Ze zien opnamen eerder als een noodzakelijk kwaad, dan een investering voor hun carrière. In de 8 maanden dat ik op zoek was naar een stage voor muziekproductie heb ik ruim 20 keer gehoord dat er niet genoeg werk was. En dat de studio’s leeg stonden. Enkelen hadden juist teveel werk en daardoor geen plek. Dit waren de studio’s die er alles aan doen om op prijs te concurreren. Grotere studio’s zijn in een faillissement terechtgekomen en het enige dat we van de NVPI horen gaat over dalende verkoopcijfers.
Met dit dramatische vooruitzicht kijk niet met groot plezier uit naar het moment van afstuderen en om deze wereld wereld in te springen. Zeker niet als ik mag constateren dat de enige optie die ik heb concurreren op prijs, oftewel de goedkoopste zijn, is. Mijn business model en mijn toegevoegde waarde zit juist in de kwaliteit die te behalen is met persoonlijke begeleiding. Goedkoper betekent automatisch minder persoonlijk, daar gaat mijn bestaansrecht. Wat nu?

5 We need a plan
De motor van de muziekindustrie zoals we die kennen is aan het vastroesten. Dat uit zich in onzekerheid van muzikanten en artiesten, waardoor budgetten voor opnamen nogal slinken. Wat we daarom nodig hebben is een plan. Een nieuw plan. En goed nieuws. Met deze thesis wil ik laten zien wat ik gedaan heb en ga doen met Virtual Studio om dit plan te maken en uit te voeren.

Eén jaar geleden

Het is precies een jaar geleden dat ik op het idee van Virtual Studio kwam. Ik weet het nog precies. Het was een warme vrijdagnacht in juni en ik bedacht mij dat via de HKU een mail was binnengekomen waarin een stageplaats in Amerika werd aangeboden. Via dit project van de Kauffman Foundation kon je gedurende een halfjaar meelopen met een paar van de grootste bedrijven zoals Google. Ik had nog geen idee wat mijn rol daarin zou kunnen zijn, maar een half jaar in het buitenland? Doen! Dus op m’n iPhone een mailtje terug getikt: Ik wil! Wat moet ik doen? Ik doe het.

Ik kreeg een positief antwoord terug, met één verzoek: Of ik het plan van mijn bedrijf, dat ik binnen twee jaar na afstuderen zou gaan starten, op wilde sturen voor de deadline die 3 weken later was.

De volgende dag ben ik als een gek gaan brainstormen met mijn broer Arthur. We kwamen na een uur uit op “…maar wat als je nou een studio begint met niks erin? Een studio die álles uitbesteedt? Een virtuele studio? En dan gewoon mensen inhuren…” Boem. Dat was ‘m.

Na 3 weken stoomcursus economie en bedrijfsplannen schrijven, college van Tjaard Horlings via de telefoon, tips van COCI en veel nachtelijk typ-werk was het dan eindelijk gelukt: Mijn plan voor Virtual Studio was af. En een kleine anderhalve maand na de eerste vonk stond ik daar voor mijn eerste ‘dragons den confrontatie’ om Virtual Studio te verkopen.

Als ik terugkijk naar hoe het idee er toen uitzag vind ik het niet gek dat ik niet was toegelaten, maar deze ietwat absurde anderhalve maand heeft mij zoveel opgeleverd dat ik niet anders dan dankbaar kan zijn voor het toch geprobeerd te hebben. En zou zal je vertellen, ik zou het zo weer doen.

Sinds Kauffman is er heel erg veel gebeurd. Vlak na de afwijzing kwam via Ingrid Dinnissen van COCI en Xpert CMKB kwam Talent NU! op mijn pad. Ze hebben me uitgedaagd om deze ruwe diamant te slijpen tot wat het nu is. In die tijd heb ik mijn verhaal honderden keren verteld. En honderden keren heb ik moeten verdedigen dat het een goed idee is. Toch staan er nu mensen aan mijn kant en geloven ze in me. Daar ben ik heel dankbaar voor.

Het was een bevlogen jaar, ik heb mezelf opnieuw ontdekt, bijzondere mensen ontmoet en bijzondere dingen meegemaakt. Nu komt het moment dat we ‘echt gaan starten’ heel dichtbij. Je verzint iets en jaar hard werken later is het werkelijkheid en wordt het je baan. Hoe cool is dat?! Heel cool.

Waar zo’n werkgroep af wel niet goed voor is!

Zojuist de laatste werkgroep van het jaar gehad. Nu staan we er allemaal alleen voor. In deze laatste bijeenkomst gingen we met de groep in op de veranderingen sinds de mock-exam van twee weken terug.

In mijn project hebben er inmiddels al wat veranderingen plaatsgevonden. Tijdens de mock kwam naar voren dat mijn thesis/project verhouding nog meer richting theorie hangt dan praktijk, daarom is het aan mij de taak om dat in een betere balans te krijgen. Manieren om dat te doen zijn producties draaien en door te kijken hoe de buitenwereld (de klant) daarop reageert, om zo te zien of en in hoeverre Virtual Studio toegevoegde waarde biedt. Daar ben ik nu mee bezig. Renée van Inshoutout heb ik gevraagd of ze in het kort op wil schrijven hoe zij de productie heeft ervaren en op welke wijze dit anders was dan een ‘normale’ productie en of dit positief was of niet. Zo zal ik de komende maanden meer van deze producties gaan doen waarbij ik daadwerkelijk de ideeën in de praktijk breng.

Dit alles brengt de samenhang van mijn scriptie tot nieuwe hoogten. Ik heb nu de volledige structuur van mijn scriptie omgezet in een visuele representatie. Zie onderaan. Handig!

Inleiding: Wie ben ik, wat doe ik?

Omgevingsonderzoek: Aanloop stage, producties buiten school, onderzoek CD verkoop en auteursrecht.

Constatering: Mijn cirkel van invloed stopt bij productie, buiten productie zit een discrepantie tussen vraag en aanbod in muziek, waar wij in productie de vruchten van proeven in de budgetten. Ik moet dus mijn cirkel van invloed vergroten, wil ik tot positief nieuws en vooruitgang komen.

Literatuuronderzoek: Boeken om me verder te verdiepen in de stof

Download Probleem Opgelost: Ook wel het ‘uitvoerende onderzoek’ te noemen!

Virtual Studio en de Cirkel van invloed: Wat uit dit onderzoek kan ik gebruiken voor de verbetering van de marktpositie van VS?

Implementatie: Persoonlijk advies, producties afgesteld op positie van band in long tail, om dan uiteindelijk van de  klant te horen of het goed werkt of niet!

Conclusie: Ja het werk, nee het werkt niet, omdat…

Mediapark Jaarcongres

Gisteren was ik aanwezig bij het Mediapark Jaarcongres in Hilversum om de HKU te vertegenwoordigen door te vertellen over mijn afstudeerproject. Het congres vond plaats in Studio 21, terwijl in het complex in kleinere studio’s was ruimte voor expositie van bedrijven. Hier werd genoegelijk gebruik van gemaakt: Ik denk dat ik wel 8 of 10 3D-televisies heb gezien, allerlei multi-media apparaten, concepten over combinaties tussen User Generated Content en televisie uitzendingen, interactieve uitzendingen door iPhone/iPad apps en meer van die dingen.

Mijn presentatie was ietwat meer bescheiden dan deze Las Vegas lichtshows, desalniettemin heb ik een aantal bijzonder leuke gesprekken gevoerd met belangstellenden.
Posted using Mobypicture.com

Een van deze belangstellenden was Fred Hoekstra, een docent aan de Hogeschool Inholland Media en Entertainment Management, waar ik later dit interview bij had.

Als het even meezit ga ik komend jaar een gastcollege geven op Inholland over Download Probleem Opgelost.

Leuk detail: op de dag zelf was David Lemereis van Bright ook aanwezig voor een enthousiast gepresenteerde uitpakparty!
Posted using Mobypicture.com

HKU Mock Examen

We zijn alweer halverwege het tweede semester en dus ook halverwege de ‘afstudeerperiode’. Reden genoeg om te vertellen aan de docenten hoe het ervoor staat. Dit doen wij middels het zogeheten ‘Mock exam’. Eigenlijk is het meer een tussentijdse beoordeling waaruit een conclusie komt of je goed bezig bent of niet, waarom dat zo is en wat je moet doen om het te verbeteren. Met de smaken rood, oranje of groen kun je beoordeeld worden.

Mijn verhaal ging uiteraard over Virtual Studio. Ik heb het idee nogmaals uitgelegd, verteld over de muziekwereld van vandaag waarin alleen studio’s die concurreren op prijs blijven staan en uitgelegd op welke wijze ik het dan wél wil aanpakken. Die wijze bestaat uit mijn onderzoek die weer in te delen is in een ‘omgevingsonderzoek’, een literatuuronderzoek en een praktisch onderzoek in de vorm van Download Probleem Opgelost. Ik had nogal veel te vertellen in dat kleine kwartiertje.

Na enig overleg waren de docenten het erover eens. Een oranje vlag. Totale paniek? Niet echt. Wel reden tot actie. Mijn beoordelaars waren van mening dat ik goed werk verricht had rondom alle theorie. Sterk verhaal, duidelijk onderzoek, heldere stellingen. Nu is het tijd voor praktijk. Dat wil zeggen: tijd om met Virtual Studio proefproducties te gaan draaien zodat we alles in de praktijk kunnen testen.

Ik ben daar ten dele al mee bezig. Zoals ik al schreef ben ik met Finn Silver en met Blue Revolt een marketing plan aan het maken omtrent de release van een debuut album en het bemachtigen van een grotere fan-basis. Daar komen binnenkort nog een aantal artiesten bij. Aan de productie kant was Inshoutout een sterk voorbeeld van wat er mogelijk is bij Virtual Studio. Nu moeten meer muziekproductie projecten gaan volgen. Ik houd jullie op de hoogte over hoe we dat precies gaan doen.